aan het woord

Toen de muren wegvielen

(c) Masha Osipova voor Avanti

Annette Schautt hield jarenlang de boel draaiende b? Avanti, en durfde het zelfs aan het pand op te zeggen. Z? geloofde in gesprekken overal. Op straat, in de bibliotheek, op de markt en zelfs in een tent op een plein. Binnen een paar dagen kon ze een evenement uit de grond stampen als de actualiteit daar om vroeg.

De dag dat Annette Schautt besloot het pand op te geven, was het koud in Almere Haven. Ze liep door de lege zalen waar ooit vrouwen koffie schonken, waar het Alomtonenkoor repeteerde, waar in de keuken nog de geur van linzensoep in het hout getrokken zat. “Iedereen zei: dat kun je niet maken,” herinnert ze zich. “Als je een pand hebt, ben je iemand. Maar ik dacht: als we alleen nog aan die muren vasthouden, zijn we juist niemand meer.”

Het was midden jaren tien. Avanti stond op een kantelpunt. De tijd van het vrouwencentrum — het huis vol vrouwenstemmen, vrijwilligers, en linnen tafelkleden — was voorbij. De gemeente wilde vernieuwing: geen buurthuis meer, maar een plek waar de stad met zichzelf in gesprek kon gaan. “Ze wilden iets met kennis en diversiteit,” zegt Annette. “Een kennisbank, zeiden ze. En ik dacht: dat is precies wat ik níet wil. Geen computers vol beleidsnotities, maar mensen die elkaar ontmoeten.”

Dus besloot ze het pand te laten gaan. “Het was strategisch best dom,” zegt ze lachend. “Zonder pand ben je voor de buitenwereld niemand. Maar ik vond het bevrijdend. We werden wendbaar. Geen stenen, geen drempel. We konden naar de mensen toe.”

Weg uit Haven

De eerste tijd werkte Annette vanuit een klein kamertje in de Kunstlinie. Later verhuisde Avanti naar de Voetnoot, het culturele complex naast het stadhuis. “Dat voelde als een nieuwe start,” zegt ze. “Daar kon je direct wat organiseren. We zaten dicht bij de bibliotheek. Er gebeurde weer wat.”

Ze begon klein, luisterend. “Ik wilde niet meer zenden, maar ophalen,” zegt ze. “Signalen, verhalen, dingen die in de stad leefden. Wat speelt er bij mensen? Waar schuurt het?” En dan, snel handelen. Binnen een week kon ze een bijeenkomst uit de grond stampen. “Toen Charlie Hebdo gebeurde, dacht ik: we móeten praten. Binnen drie dagen hadden we vijftig mensen in een buurthuis in Haven: moslims, Surinaamse jongeren, twee politieagenten, PVV-stemmers. Iedereen zat vol emoties. Maar we spraken met elkaar. Niet om het eens te worden, maar om te begrijpen.”

(c) Masha Osipova voor Avanti

Ze glimlacht. “Achteraf dacht ik: het had ook kunnen ontsporen. Maar het ging goed. Mensen wilden gehoord worden.”

Luisteren is niet genoeg

Dat luisteren werd Annette’s handelsmerk. Ze organiseerde gesprekken op plekken waar de stad vanzelf langskwam: in cafés, buurthuizen, op straat, in tenten. “Soms stond ik gewoon in een winkelcentrum, met een tafel en koffie. Dan kwam er iemand zitten en begon te praten.”

Een van die gesprekken vergeet ze nooit. “Ik stond voor een sigarenzaak in Haven. Drie oudere mannen stonden te mopperen over buitenlanders, over geld, over parkeerplaatsen. Eerst dacht ik: dit wordt niks. Tot ik hoorde dat een van hen al twintig jaar in de bijstand zat. Toen viel er iets. Ik dacht: dit gaat niet over racisme, dit gaat over machteloosheid. Over mensen die niet meer het gevoel hebben dat ze ertoe doen.”

Ze leunt achterover, haar ogen glimmen. “Daar, op dat moment, begreep ik dat luisteren niet genoeg is. Mensen moeten niet alleen gehoord worden — ze moeten iets kunnen bijdragen. Iets eigens. Anders verandert er niks.”

(c) Masha Osipova voor Avanti

Het werd een sleutelmoment. Vanaf dan probeerde ze in elk project ruimte te maken voor eigenaarschap. Niet over mensen praten, maar mét hen iets doen.

Van debat naar dialoog

Onder Annette werd Avanti geen debatcentrum, zoals sommigen hadden gehoopt, maar eerder een gespreksmachine. “Karien Bos wilde meer debat,” zegt ze. “En ze had gelijk, hoor — maar ik geloofde meer in dialoog. Niet twee mensen tegenover elkaar met een stelling, maar twintig mensen in een kring met koffie. Het is minder spectaculair, maar het werkt beter.”

Ze organiseert bijeenkomsten over alles wat in Almere speelde: jongeren die uit het schoolsysteem vielen, vrouwen die worstelden met pleegzorg, LGBTQ-jongeren die zich onveilig voelden.

Soms in zaaltjes, soms gewoon buiten, op het plein, met een groot springtouw. “Tijdens Coming Out Day hadden we een touw van vijf meter. Mensen gingen springen, lachen, en dan in gesprek. Zo simpel kan het zijn.”

(c) Masha Osipova voor Avanti

De onderwerpen kwamen uit de stad zelf. “Ik werkte vaak intuïtief. Er gebeurde iets, ik voelde dat het iets losmaakte, en dan dacht ik: dit moeten we bespreken. Niet over drie maanden, maar nú.”

De kracht van improvisatie

Dat improviseren was haar tweede natuur. “Bij de gemeente begrepen ze dat niet altijd,” zegt ze. “Zij wilden plannen, programma’s, begrotingen. Maar als je echt reageert op wat er leeft, kun je dat niet in een Excel-sheet vangen.”

Ze lacht even, een beetje ondeugend. “Ik had weleens discussies met de ambtenaren. Ze wilden cijfers. Hoeveel bezoekers? Hoeveel impact? Maar soms zat ik met twintig mensen aan tafel, en ieder van hen vertelde iets wat nooit anders gehoord zou worden. Dat telt meer dan driehonderd anonieme bezoekers.”

Toch kreeg ze veel voor elkaar. Er kwamen samenwerkingen met Windesheim, met bedrijven die aan diversiteit wilden werken, met jongerenorganisaties. En altijd bleef ze de brug tussen werelden: de beleidsmakers aan de ene kant, de mensen in de stad aan de andere.

De tent in het centrum

Eén beeld vat haar tijd bij Avanti samen. “We hadden een tent neergezet in het centrum, tijdens de Week van de Eenzaamheid. Er was koffie, wat broodjes, een wethouder, en iedereen kon aanschuiven. Mensen vertelden wat hen bezighield. Over geld, over kinderen, over alleen zijn. Het was eenvoudig, maar echt.”

Ze pauzeert even. “Dat is wat ik hoop dat Avanti blijft doen: die tent overeind houden, letterlijk en figuurlijk. Een plek waar mensen binnen kunnen stappen en zich gezien voelen.”

Wat bleef

Na Avanti ging Annette verder — ze werkte bij herinneringsmusea, deed projecten rond co-creatie en impact, maar de kern bleef hetzelfde: verhalen ophalen, verbinding maken, eigenaarschap stimuleren.

“Avanti was voor mij een oefening in luisteren zonder te verliezen wie je bent,” zegt ze. “Ik kwam als buitenstaander — een Duitse, niet-Nederlandse vrouw — en dat hielp misschien. Ik hoorde erbij en toch ook niet. Daardoor kon ik makkelijk praten met mensen van alle kanten.” Haar wens voor Avanti nu? Ze denkt even na, glimlacht. “Dat jullie trouw blijven aan die oprechtheid,” zegt ze. “Niet meegaan in waar het geld zit, maar blijven doen wat nodig is. Blijf luisteren, blijf bewegen. En houd dat vuurtje brandend.”

Wil je meer weten van 25 jaar Avanti? Vier het 25-jarig bestaan met ons mee op 27 november!

Kom naar de nóg grotere jubileumshow!