aan het woord

Woord zonder zicht

Bettie is de eerste vrouwelijke predikant met een visuele beperking

(c) Lisa Zilver voor Avanti

Door een zeldzame vorm van ouderdomsblindheid verloor Bettie Woord (57) haar zicht. Het weerhield haar er niet van een lang gekoesterde droom na te jagen: theologie studeren. Nu is ze de eerste vrouwelijke predikant met een visuele beperking. Haar missie? Almere inclusief maken. ‘Pas als mensen met een visuele of lichamelijke beperking niet meer worden aangestaard, heb ik mijn doel bereikt.’

In het labyrint naast de Tiny Church hangt een briefje. Voel je je eenzaam of alleen, heb je hulp of een luisterend oor nodig, bel dan naar dit nummer. Getekend: Bettie Woord. Het is slechts één van de manieren waarop de predikant contact wil maken met mensen uit de buurt. Door wandeltochten te organiseren, door het gesprek aan te gaan en door allerlei activiteiten rondom christelijke feestdagen te organiseren. Direct, laagdrempelig contact voor mensen in de buurt. ‘Want door je te verschansen achter kerkmuren, bereik je sommige mensen niet,’ is het eerste wat ze zegt als we elkaar treffen in het kleine kerkje in het Cascadepark.

En Bettie gaat er graag op uit, samen haar hond Pride. Niet alleen een maatje, maar ook haar zicht, want Bettie is volledig blind. De problemen met haar zicht waren er altijd al, maar hoe erg het was, werd niet onderzocht. Dat gebeurde toen ze een jaar of twintig was. Toen kreeg Bettie te horen dat ze een vorm van ouderdomsblindheid had, en dat ze maar zeven procent zag. ‘Uit onderzoek bleek dat ik nooit meer heb kunnen zien. Ik weet nog dat ik dacht: wat ziet iemand met honderd procent wel niet? Die moet vast gillend gek worden,’ zegt Bettie. ‘Want als je niet weet wat je ziet, kan je ook niet aangeven wat je mist.’

Voel je je eenzaam of alleen, heb je hulp of een luisterend oor nodig, bel dan naar dit nummer.

Bettie, net getrouwd, viel hard van haar roze wolk af. Wat moet ik nou, dacht ze? Toch bleef ze alles gewoon doen. Fietsen door de Noordoostpolder bijvoorbeeld, het dorp waar ze jaren woonde. Dat kon best, want het was één lange, rechte weg. Toen haar jongste kind naar de peuterspeelzaal ging sloeg ze weer aan het studeren, iets wat ze nooit had kunnen doen. In haar tijd was het vrij normaal dat meisjes enkel naar de huishoudschool werden gestuurd.

Met een thuisstudie rondde ze de mavo en havo in drie jaar af. Hierna volgde ze HBO theologie en levensbeschouwing, en uiteindelijk rondde ze drie masters af in geestelijke verzorging en theologie.

(c) Lisa Zilver voor Avanti

Religie speelde altijd al een belangrijke rol in het leven van de Almeerse. Bettie groeide op in een gelovig gezin in Urk en is altijd vrijwilliger in de kerk geweest. De strenge leer van de gereformeerde gemeenschap liet ze letterlijk en figuurlijk achter zich: Bettie ziet zichzelf meer als een inclusieve predikant. Daarom voelt ze zich ook zo thuis in Almere, waar ze sinds vier jaar woont.

Als je in Almere woont hoef je nooit op vakantie

‘Het multiculturele, de nieuwbouw en de natuur: als je in Almere woont hoef je nooit op vakantie. Het is een vrij nieuwe stad, maar nergens anders heb ik zoveel inclusiviteit aangetroffen als hier,’ vertelt Bettie, die ook al sinds 2018 in de Werkgroep Floriade zit. Net als ouders van kinderen met autisme, mensen in een rolstoel of met reuma en blinde en dove mensen. ‘Om alles zo mooi en toegankelijk mogelijk voor iedereen te krijgen.’

Ze leert er veel van. Dat invalidentoiletten niet in een hoek, maar in het midden moeten staan bijvoorbeeld, omdat sommige mensen links en anderen rechts draaien. Of dat een drijvend paviljoen een extra verhoging aan de zijkant nodig heeft. ‘Het is soms nog best lastig om esthetiek met het praktische te combineren. Maar heb je dat eenmaal, dan kunnen de ontwerpen uitgerold worden voor heel Nederland,’ zegt ze vrolijk.

(c) Lisa Zilver voor Avanti

Bettie, eenvoudig gekleed in een spijkerbroek en trui, praat rustig en opgewekt. Veelal met een bescheiden glimlach, en soms met een brede, wanneer ze enthousiast over iets is (‘Twee jaar hebben we kinderen met koningsdag verkleed door de straten laten rijden. Want ieder kind is een koningskind: niet alleen Willem-Alexander en Maxima’). Maar als het gesprek aankomt op de strijd die ze heeft gevoerd krijgt haar blik iets droevigs. Ondanks alle studies, kreeg Bettie afwijzing na afwijzing op haar sollicitaties bij kerkgenootschappen. De ene keer was ze zogenaamd niet mobiel genoeg, de andere keer zou ze te dichtbij wonen. Ook ging een stage in de gevangenis niet door omdat de leiding het te gevaarlijk voor haar vond.

Het maakt haar niet alleen verdrietig dat kerkleidingen niet ronduit zeggen dat ze haar niet willen vanwege haar visuele beperking, maar ook strijdlustig. Zo besloot ze een keer het gesprek aan te gaan met één van hen. Bettie reisde uren met het openbaar vervoer, en toen ze er eenmaal was moest ze lang wachten vanwege een uitgelopen afspraak. ‘Ik zei dat ik het jammer vond dat ik vanwege mijn beperking werd afgewezen. De vrouw antwoordde grof. Ze zei dat ze het zielig vond dat ik mijn beperking voorop stelde. Maar dat deed ik dus nooit. De rest wel,’ zegt Bettie.

Uiteindelijk besloot ze het solliciteren op te geven

Uiteindelijk besloot ze het solliciteren op te geven. Wel valt ze af en toe in op freelance basis. Sinds 2016 is ze verbonden aan de Schone Poort, een pioniersplek in de nieuwbouwwijk Almere Poort, waar de Tiny Church een onderdeel van is. Naast een eigen wandelgroep en een labyrint met moestuin, organiseren ze ook ieder jaar de kunstmarkt Poort met Passie. En nog zoveel meer. ‘Eetbare plantjes naar ouderen brengen voor de kweek, een lichtjeswandeling en we hebben eerder het Bethlehem van tweeduizend jaar geleden nagebouwd in een parkeergarage.’

In de Tiny Church worden (buiten coronatijd) ook kerkcafés gehouden, maar eigenlijk moet je het meer zien als een ontmoetingsplek voor iedereen, vervolgt Bettie. De rol van de kerk is volgens haar een maatschappelijke, en reikt tot ver buiten de kerkmuren. ‘Gewoon onder de mensen zijn en groepen met elkaar verbinden vind ik heel belangrijk,’ legt ze uit. Dat is soms best een uitdaging. Toen ze in het stadsdeel Poort de Peace organiseerde, met moslims, christenen, hindoes en noem maar op, kwamen er maar weinig mensen op af. ‘Ik dacht: alle religies staan voor vrede, dus het lukt wel om al die groepen samen te brengen. Misschien wat naïef gedacht.’

Bettie voelt het gestaar van reizigers in het openbaar vervoer

Een andere belangrijke missie is meer acceptatie voor lichamelijk en geestelijk beperkten. Als blind persoon weet Bettie maar al te goed hoe vreemd er soms gereageerd wordt door voorbijgangers. Ze ziet ze niet, maar Bettie voelt het gestaar van reizigers in het openbaar vervoer. En toen ze een tijdje terug met haar man ging winkelen, richtte de winkelmedewerkster zich enkel tot haar man, zelfs toen Bettie zelf demonstratief antwoord gaf. Uiteindelijk zijn ze weggegaan.

Vreemd is het volgens haar niet dat de wereld zo is: we hebben er zelf aan meegedaan. ‘Jarenlang bouwden we instellingen in bossen voor blinden, slechtzienden en doven, want dan hadden ze ‘het zo leuk in het groen’. Ondertussen kwamen ze niet meer in de maatschappelijke wereld,’ vertelt ze.

Bettie is nooit een persoon geweest die bij de pakken neer ging zitten. Toen ze op een gegeven moment zelfs de letters op het grootletter scherm niet meer kon zien, luisterde ze tijdens hoorcolleges gewoon goed naar de wat de docent zei. Ook leerde ze braille, wat ontzettend lastig is omdat je vingers op latere leeftijd lang niet zo gevoelig zijn als in je kindertijd. En een ongelukkige val op het perron jaren terug, durfde ze even de straat niet meer op, totdat ze een KNGF-geleidehond kreeg.

Pride is alweer de derde, zegt ze, al aaiend over zijn vacht. Van festivals tot aan wandelingetjes: hij is er altijd bij. En hoewel Bettie het nog steeds naar vind dat ze nooit een vaste aanstelling in een kerk heeft gekregen, heeft ze er ook vrede mee. ‘Soms moet je je droom bijstellen om rijkdom te kunnen ervaren. Uiteindelijk bleek op deze manier een kerk zijn beter bij me te passen. Want ik wil gewoon onder de mensen zijn en ze helpen, op alle mogelijke manieren.’